| 1 |
|
Exterieur van de PTT Telefooncentrale Marnixstraat
het concept voor dit telefoongebouw in Den Haag stamt uit 1937. Het kwam van de gemeentearchitect D.C. van der Zwart (1882-1960) en had in 1942 gerealiseerd moeten zijn. Het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog gooide echter roet in het eten. Na de oorlog werd het plan verder uitgewerkt door de architecten A. van der Vorst (1900-1981) en G. Bakker van Gemeentewerken. In het gebouw werden vier zalen van 1.000 m² voor telefooncentrales gebouwd, iedere centrale met een capaciteit voor 20.000 telefoonaansluitingen. Verder kwamen er ruimten voor kabelinvoer, kabelverdelers, (nood)stroomvoorziening, diverse werkplaatsen, een garage, tekenkamers, directieverblijven, inlichtingenbureau, medische dienst, kantine, etc. Na het bouwrijp maken van het terrein in 1950, startte de bouw op 1 april 1951. Aannemer was de N.V. Algemene Bouwonderneming 'Albouw' uit Breda. Deze voltooide het gebouw in juni 1955.
In het gebouw werden 13.000 m³ gewapend beton, 1.500 ton staal, 3.000 m² stalen ramen, 3 miljoen bakstenen, 320 m³ sierbeton voor raamomlijstingen en daklijsten en 130 m³ graniet voor de sokkel van het gebouw gebruikt. Medio 1955 werd geleidelijk begonnen met het betrekken van de gereedgekomen gedeelten en begon de installatie van de telefoonapparatuur. Deze werd geleverd en geïnstalleerd door de Nederlandse Standard Electric Maatschappij, die in Den Haag haar Nederlandse hoofdkwartier had. De eerste 6.000 telefoonlijnen werden op 14 oktober 1956 in dienst gesteld. De overdracht van het gebouw door burgemeester mr. H.A.M.T. Kolfschoten aan de directeur-generaal der PTT ir. J.D.H. Van der Toorn geschiedde op 22 oktober 1958.
Uit: Haagvaarder 61, 2009, SHIE
Met toestemming overgenomen
|
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[Abstract]
1
|
| 3 |
|
Prof. ir. J. Volmuller
Ir. J. Volmuller aanvaardde op 18 januari 1961 in het openbaar het ambt van gewoon hoogleraar in de aanleg en exploitatie van wegen, de verkeerseconomie en de algemene verkeerswetenschap, in de afdeling der Weg- en Waterbouwkunde, met een rede, getiteld „ De invloed van het verkeer op het ontwerp van de weg".
Jacques Volmuller werd op 6 september 1916 te Amsterdam geboren, Te Haarlem behaalde hij in 1933 het einddiploma h.b,s.-B. Vervolgens studeerde hij aan de Technische Hogeschool te Delft. In 1938 verwierf hij het diploma van civiel-ingenieur. Na in 1939 enkele maanden als ingenieur bij de Constructie-afdeling van de Rijksgebouwendienst werkzaam te zijn geweest vertrok hij in mei van dat jaar naar de Caribbean Petroleum Company in Venezuela. Van 1942 tot 1946 was hij in Engeland in militaire dienst. Tijdens deze periode was hij o.a. werkzaam ten behoeve van de internationale besprekingen ter oprichting van de European Central Inland Transport Organisation. Na terugkeer uit militaire dienst was hij ingenieur van de Rijkswaterstaat in het arrondissement Breda.
Van mei 1949 tot september 1949 nam hij als enige Nederlander deel aan de cursus voor buitenlandse wegen-ingenieurs, georganiseerd door het Bureau of Public Roads in de Verenigde Staten van Amerika. Vervolgens was hij als hoofdingenieur werkzaam ter Generale Directie van de Rijkswaterstaat. In deze functie vertegenwoordigde hij de Rijkswaterstaat in talrijke commissies, ook op internationaal gebied. Van april 1952 tot mei 1953 was hij expert voor wegen en wegverkeer van de Technical Assistance Mission van de Verenigde Naties in Bolivia. In september 1955 verbond hij zich als ingenieur bij de Transportation Division van de International Bank for Reconstruction and Development (Wereldbank) ter standplaats Washington D.C. In augustus 1957 werd hij als senior highway engineer belast met het toezicht op de werkzaamheden in verband met alle door de Bank gefinancierde wegenprojecten. Twee jaar later werd hij benoemd tot Assistant Chief van de Division en werd als zodanig betrokken bij het beleid en toezicht ten aanzien van alle door de Bank gefinancierde verkeersobjecten. In verband met zijn werkzaamheden bij de Bank verbleef hij veel in het buitenland, o.m. Columbia, Chili, Ethiopië, Japan en Saudi Arabië.
Van zijn hand verscheen een aantal publikaties.
|
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[Abstract]
1
|
| 4 |
|
Bezoek ministerraad aan de Technische Hogeschool Delft (4)
Op 26 oktober 1959 brachten de minister-president, dr. J.E. de Quay, alsmede de ministers van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen, van Justitie, van Sociale Zaken en Volksgezondheid, en van Financiën, vergezeld van een aantal staatssecretarissen een werkbezoek aan de hogeschool. Nadat in het hoofdgebouw enkele korte rondleidingen waren gegeven, werden diverse gebouwen en laboratoria bezocht. In de middaguren werd o.a. een rondrit gemaakt langs de diverse in aanbouw zijnde laboratoria en werd een bezoek gebracht aan een der studentenflats. Het bezoek werd besloten met een bijeenkomst in de kantine van het studentensportcomplex
|
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[Abstract]
1
|