| 1 |
|
Interieur historische electriciteitsfabriek van het Gemeentelijk Electrisch Bedrijf in Den Haag
De Electriciteitsfabriek van het Gemeentelijk Electrisch Bedrijf in Den Haag, gesitueerd aan de De Constant Rebecquestraat, is een ontwerp van architect Adam Schadee (1862-1937). Het technisch ontwerp is van de directeur van het GEB, Ir. Nicolaas Jan Singels (1865-1914), in samenwerking met AEG dat ook de elektrische installaties leverde. De Duitse centrales van AEG met een burcht- en paleisachtige architectuur hebben Schadee sterk beïnvloed. De Haagse centrale is het meest indrukwekkende voorbeeld van deze stijl: een trotse ‘burcht' die uitstraalt dat de elektriciteitsvoorziening van de residentie in veilige en betrouwbare handen is. Op 1 februari 1906 leverde de ‘Electriciteitsfabriek' de eerste stroom aan de HTM voor de bovenleiding van de nieuwe tramlijn 5. De levering aan particulieren begon kort daarna. De fabriek werd voortdurend verbouwd en uitgebreid. In 1911 werd de De Constant Rebecquestraat aangelegd waardoor de centrale ook vanuit de binnenstad bereikbaar werd. Den Haag besloot als eerste gemeente in Nederland om de openbare verlichting van gas naar elektriciteit om te bouwen. Eind jaren twintig kon in alle Haagse woningen "electrisch licht gebrand worden" en had het GEB het terrein naast de centrale in gebruik genomen voor kolenopslag en een magazijngebouw.
Bron: Haagvaarder, 62, stichting haags industrieel erfgoed SHIE
|
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[Abstract]
1
|
| 2 |
|
Exterieur historische electriciteitsfabriek van het Gemeentelijk Electrisch Bedrijf in Den Haag
De Electriciteitsfabriek van het Gemeentelijk Electrisch Bedrijf in Den Haag, gesitueerd aan de De Constant Rebecquestraat, is een ontwerp van architect Adam Schadee (1862-1937). Het technisch ontwerp is van de directeur van het GEB, Ir. Nicolaas Jan Singels (1865-1914), in samenwerking met AEG dat ook de elektrische installaties leverde. De Duitse centrales van AEG met een burcht- en paleisachtige architectuur hebben Schadee sterk beïnvloed. De Haagse centrale is het meest indrukwekkende voorbeeld van deze stijl: een trotse ‘burcht' die uitstraalt dat de elektriciteitsvoorziening van de residentie in veilige en betrouwbare handen is. Op 1 februari 1906 leverde de ‘Electriciteitsfabriek' de eerste stroom aan de HTM voor de bovenleiding van de nieuwe tramlijn 5. De levering aan particulieren begon kort daarna. De fabriek werd voortdurend verbouwd en uitgebreid. In 1911 werd de De Constant Rebecquestraat aangelegd waardoor de centrale ook vanuit de binnenstad bereikbaar werd. Den Haag besloot als eerste gemeente in Nederland om de openbare verlichting van gas naar elektriciteit om te bouwen. Eind jaren twintig kon in alle Haagse woningen "electrisch licht gebrand worden" en had het GEB het terrein naast de centrale in gebruik genomen voor kolenopslag en een magazijngebouw.
Bron: Haagvaarder, 62, stichting haags industrieel erfgoed SHIE
|
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[Abstract]
1
|
| 4 |
|
Exterieur van de PTT Telefooncentrale Marnixstraat
het concept voor dit telefoongebouw in Den Haag stamt uit 1937. Het kwam van de gemeentearchitect D.C. van der Zwart (1882-1960) en had in 1942 gerealiseerd moeten zijn. Het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog gooide echter roet in het eten. Na de oorlog werd het plan verder uitgewerkt door de architecten A. van der Vorst (1900-1981) en G. Bakker van Gemeentewerken. In het gebouw werden vier zalen van 1.000 m² voor telefooncentrales gebouwd, iedere centrale met een capaciteit voor 20.000 telefoonaansluitingen. Verder kwamen er ruimten voor kabelinvoer, kabelverdelers, (nood)stroomvoorziening, diverse werkplaatsen, een garage, tekenkamers, directieverblijven, inlichtingenbureau, medische dienst, kantine, etc. Na het bouwrijp maken van het terrein in 1950, startte de bouw op 1 april 1951. Aannemer was de N.V. Algemene Bouwonderneming 'Albouw' uit Breda. Deze voltooide het gebouw in juni 1955.
In het gebouw werden 13.000 m³ gewapend beton, 1.500 ton staal, 3.000 m² stalen ramen, 3 miljoen bakstenen, 320 m³ sierbeton voor raamomlijstingen en daklijsten en 130 m³ graniet voor de sokkel van het gebouw gebruikt. Medio 1955 werd geleidelijk begonnen met het betrekken van de gereedgekomen gedeelten en begon de installatie van de telefoonapparatuur. Deze werd geleverd en geïnstalleerd door de Nederlandse Standard Electric Maatschappij, die in Den Haag haar Nederlandse hoofdkwartier had. De eerste 6.000 telefoonlijnen werden op 14 oktober 1956 in dienst gesteld. De overdracht van het gebouw door burgemeester mr. H.A.M.T. Kolfschoten aan de directeur-generaal der PTT ir. J.D.H. Van der Toorn geschiedde op 22 oktober 1958.
Uit: Haagvaarder 61, 2009, SHIE
Met toestemming overgenomen
|
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[JPG]
[Abstract]
1
|