Search results also available in MS Excel format.
| 1 |
|
Onderzoeksprogramma Kennisleemtes Steenbekledingen (OKS): evaluatie & bijsturing 2003 en 2004 faserapport: evaluatie inhoud
Het voorliggende rapport geeft een samenvatting en totaaloverzicht van de inhoudelijke resultaten tot dusver in het Onderzoeksprogramma Kennisleemtes Steenbekledingen (OKS). Het betreft fase 2 van project Evaluatie en Bijsturing OKS. Tezamen met de evaluatie van het proces in fase 1, vormt deze vastlegging van de inhoud een basis voor het komen tot een voorstel voor bijsturing van het onderzoeksprogramma in fase 3.
De hoofdmoot van de werkzaamheden heeft bestaan uit het bestuderen en samenvatten van de formele onderzoeksrapporten (in enkele gevallen is dat ook gedaan voor belangrijke conceptrapporten). Voor zover wenselijk, bijvoorbeeld ter verduidelijking van bepaalde details, is in aanvulling hierop bilateraal contact gezocht met de opdrachtbegeleiders.
De samenvattingen voor de verschillende Deelonderzoeken zijn in dit rapport in afzonderlijke hoofdstukken gepresenteerd. In het afsluitende hoofdstuk 18 is vervolgens een overzicht gemaakt van de diverse onderzoeken, inclusief hun samenhang. Een goed overzicht kan worden verkregen wanneer de onderzoeken worden ingedeeld per faalmechanisme, met daarbinnen een onderscheid tussen enerzijds het vergroten van fysisch begrip (onderzoek invloedsaspecten) en anderzijds de verwerking in rekenregels In de navolgende figuur wordt dit zichtbaar gemaakt (overgenomen uit hoofdstuk 18).
De samenhang tussen de onderzoeken blijkt soms zeer groot (bijvoorbeeld Reststerkte en Klemming), maar andere staan op zich zelf (Afschuiving, Ingegoten bekledingen en Noorse steen).
In hoofdstuk 18 wordt ook een samenvattend overzicht gegeven van op de belangrijkste resultaten tot dusverre. Enkele deelonderzoeken zijn zover gevorderd dat er al een indruk ontstaat van de eindresultaten:
· scheve golfinval: de ‘zorg’ vooraf over inval tussen 30° en 60° lijkt mee te vallen terwijl voor schuinere inval enige aanscherping mogelijk lijkt;
· lange golfperiode: in lijn met de verwachting lijkt enige aanscherping mogelijk voor lange periodes, vooral bij open bekledingen;
· basalt: de ‘zorg’ vooraf dat basalt ongunstiger is dan betonzuilen lijkt te worden bevestigd, maar het probleem zou mee kunnen vallen doordat het vooral speelt bij niet-‘ingegolfde’ bekledingen terwijl basalt in de praktijk meestal in vaak belaste zones ligt;
· inslibbing: de gehoopte aanscherping lijkt niet te zullen worden gerealiseerd;
· afschuiving: in lijn met de verwachting lijkt het mogelijk om aan te tonen dat het faalmechanisme voor veel bekledingen niet relevant is;
· Noorse steen: een nieuwe, scherpere toetsregel lijkt op korte termijn haalbaar. Bewezen sterkte speelt hierin een belangrijke rol.
Voor enkele andere aspecten is weliswaar al veel werk verricht, maar is binnen OKS nog meer onderzoek nodig om te kunnen inschatten in welke richting de eindresultaten zich bewegen. Het betreft de invloedsaspecten klemming (in relatie tot reststerkte), golfklappen en belastingduur, het rekenmodel ZSteen en het bekledingstype Ingegoten bekleding.
|
[PDF]
[Abstract]
|
| 2 |
|
Steenzettingen: Kennisleemtes versus uitvoering: kosten-batenanalyse
In opdracht van Rijkswaterstaat Dienst Weg- en Waterbouwkunde heeft Royal Haskoning een onderzoek uitgevoerd dat een overzicht oplevert van de relevante kennisleemtes, gerelateerd aan de oppervlakken bekleding waarvoor de kennisleemtes van toepassing zijn. Het onderzoek beoogt antwoord te geven op de volgende vragen:
• Wat kost het in tijd en geld om de kennisleemtes op te lossen;
• Wat kost het als de kennisleemtes niet worden opgelost;
• Wanneer komt de uitvoering in de verdrukking op basis van de huidige kennis;
• Hoe is het landelijk beeld m.b.t. kennisleemtes versus uitvoering;
• Wat zijn de consequenties op de lange termijn.
Ten aanzien van de oppervlakken is het onderzoek gericht op Westerschelde, Oosterschelde en IJsselmeergebied. De toetsingsresultaten in de vorm van Steentoetsbestanden vormen hiervoor de basis. De overige watersystemen worden slechts kwalitatief beschouwd.Ten aanzien van de kennisleemtes wordt alleen gekeken naar de faalmechanismen van de bekleding zelf. In dit onderzoek wordt niet expliciet gekeken naar de reststerkte (in TAW -kader wordt een aparte inventarisatie uitgevoerd naar deze kennisleemte ) en ook niet naar de specifieke aspecten van overgangsconstructies van dijken naar duinen. De berekeningsmethoden van hydraulische randvoorwaarden vallen ook buiten het onderzoek, maar de verwerking van bijzondere randvoorwaarden (zoals extreem lange golfperioden) in de rekenregels voor steenzettingen valt er wel binnen. In de afweging of onderzoek naar kennisleemtes nodig is, kunnen ook niet-monetaire aspecten een rol spelen (landschap, duurzaamheid, etc.). Deze aspecten worden in dit onderzoek niet
bekeken (maar moeten in de uiteindelijke afweging wel een rol spelen).
De opbouw van het rapport is als volgt:
• hoofdstuk 2: afweging en selectie van de kennisleemtes, leidend tot de set van 7 leemtes waarmee de kosten-batenanalyse wordt uitgevoerd;
• hoofdstuk 3: berekening van het steenzettingenareaal waarin de geselecteerde leemtes een rol spelen. Het resultaat is een overzicht van de oppervlakte per kennisleemte;
• hoofdstuk 4: beschrijving van de resultaten van de enquête en interviews, met als resultaat het benodigd onderzoek per kennisleemte (inclusief doorlooptijd en kosten) en de mogelijke aanscherping van de rekenregels ten gevolge van onderzoek;
• hoofdstuk 5: berekening van de baten en vergelijking daarvan met de kosten;
• hoofdstuk 6 en 7: conclusies en aanbevelingen.
|
[PDF]
[Abstract]
|
Search results also available in MS Excel format.