| 1 |
|
Effects of Organic Compounds on Growth of Chemostat Cultures of Thiomicrospira-Pelophila, Thiobacillus-Thioparus and Thiobacillus-Neapolitanus
|
[PDF]
|
| 2 |
|
Thiomicrospira-Pelophila, Gen-N, Sp-N, a New Obligately Chemolithotrophic Colorless Sulfur Bacterium
|
[PDF]
|
| 3 |
|
Some Quantitative Aspects of Incorporation of Organic Compounds by 2 Obligately Chemolithotrophic Sulfur Bacteria
|
[PDF]
|
| 4 |
|
Neutron-Diffraction and Tsdc on Ba1-Xuxf2+2x Solid Electrolytes
|
[PDF]
|
| 5 |
|
Isolation and Properties of a Chemolithotrophic Sulfur-Oxidizing Spirillum Spec
|
[PDF]
|
| 6 |
|
Probabilistic design with focus on blades
|
[PDF]
|
| 7 |
|
Competition for inorganic substrates among chemoorganotrophic and chemolithotrophic bacteria
|
[PDF]
|
| 8 |
|
Tsdc and Neutron-Scattering Measurements on Ba1-Xlaxf2+X and Ba1-Xuxf2+2x Solid-Solutions
|
[PDF]
|
| 9 |
|
Method for determination of the mean fraction of glandular tissue in individual female breasts using mammography
|
[PDF]
|
| 10 |
|
Glandularity and mean glandular dose determined for individual women at four regional breast cancer screening units in The Netherlands
|
[PDF]
|
| 11 |
|
The sand extraction potential of embedded land surface lowering in the Netherlands
In the Netherlands, mineral extraction by means of dredging or quarrying meets with considerable societal resistance. Land surface lowering prior to large land reconstruction projects may raise fewer objections. We have calculated the potential yields of sand and gravel form land surface lowering embedded in planned building and construction projects, and in nature, farmland and recreation area development. Our primary data sets were a compilation of spatial plans for the period 1995-2005 and about 95.000 borehole descriptions. Even if embedded consistently, land surface lowering would contribute modestly (up to 5.4 Mio m3/a) to the filling sand provision (annual demand 45-50 Mio m3/a).
|
[PDF]
[Abstract]
|
| 12 |
|
Artificial Neural Networks for SCADA Data based Load Reconstruction (poster)
If at least one reference wind turbine is available, which provides sufficient information about the wind turbine loads, the loads acting on the neighbouring wind turbines can be predicted via an artificial neural network (ANN). This research explores the possibilities to apply such a network not only within a wind park but on turbines located at different sites. Following the idea to develop a tool to forecast the particular loads of any wind turbine in the field without the need to install additional measuring systems, a model has been developed needing only signals contained in the Supervisory Control and Data Acquisition (SCADA) data as input signals.
|
[PDF]
[Abstract]
|
| 13 |
|
Grondwatereffecten aan de oppervlakte: Onderzoek naar effecten van stopzettingen grondwaterontrekking DSM Delft - Hoofdrapport
| External Research Report |
2008-11-01
|
| Author: |
Roelofsen, F.
|
|
Contributor:
|
Goorden, N. · Buma, J. · Van Gessel, S. · Goes, B. · De Lange, G. · Van Meerten, H. · Van Oostrom, N. · Oude Essink, G. · Sperna Weiland, F. · Veldkamp, H. · Vergroesen, T. · Verkaik, J. · Gehrels, H.
|
| Keywords: |
Delft Cluster · CT06.20 · integraal stedelijk waterbeheer · CT06.25.11 · iraktijkstad Delft · DSR · grondwatereffecten aan de oppervlakte · onderzoek naar effecten van stopzettingen grondwaterontrekking · quickscan · grondwaterstijging · geotechniek · grond- en opervlaktewaterkwaliteit
|
Sinds 1916 wordt in het centrum van Delft grondwater onttrokken. In de loop van de jaren is de hoeveelheid gestaag toegenomen. In 1966 is aan DSM Gist vergunning verleend om 13,5 m3 per jaar te ontrekken. De situatie is echter veranderd, DSM Gist heeft aangegeven het grondwater niet meer nodig te hebben. Delft de omliggende gemeenten en andere belanghebbenden zullen daarop moeten anticiperen. De Provincie Zuid-Holland, het Hoogheemraadschap van Delfland en de Gemeente Delft hebben Initiatief genomen.
Door middel van quickscan in 2005 is kwalitatief inzicht verkregen in de mogelijke effecten van reductie van de winning onderverdeeld naar Thema's: Grondwaterstijging, Geotechniek en grond- en opervlaktewaterkwaliteit
|
[PDF]
[Abstract]
|
| 14 |
|
Grondwatereffecten aan de oppervlakte (gebracht): Onderzoek naar effecten van stopzetting grondwaterontrekking DSM Delft - Technisch rapport
| External Research Report |
2008-11-01
|
| Author: |
Roelofsen, F.
·
Goorden, N.
|
|
Contributor:
|
Buma, J. · Van Gessel, S. · Goes, B. · De Lange, G. · Van Meerten, H. · Van Oostrom, N. · Oude Essink, G. · Weiland, F.S. · Veldkamp, H. · Vergroesen, T. · Verkaik, J. · Gehrels, H.
|
| Keywords: |
Delft Cluster · pleistoceen · holocene · ondergrondmodel · REGIS · 3D modellering · MODFLOW · CAPSIM · GIS · iMOD · DSM · kwaliteitsmodel · grondwater · PZH model · SOBEK · MOC3D · CT06.20 · integraal stedelijk waterbeheer · CT06.25.11 · praktijkstad Delft · grondwatereffecten aan de oppervlakte · onderzoek naar effecten stopzetting grondwaterontrekking · technisch rapport
|
Deze rapportage bevat de beschrijving van de afzonderlijke modellen en is om die reden opgebouwd uit 5 delen.
Deel I beschrijft de totstandkoming van de geo(hydro)logie van de ondergrond. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen Pleistoceen en Holoceen waarbij het Holoceen zowel regionaal als ook in meer detail lokaal is gemodelleerd.
Het kwantiteitsmodel voor grondwater wordt beschreven in Deel II. Daarin komen alle gemodelleerde processen (modules) aan de orde als ook de ijking en een beschrijving van de modelschil iMOD. Gebaseerd op het kwantitatieve grondwatermodel is het stoftransportmodel ontwikkeld. Deel III gaat uitgebreid in op de totstandkoming daarvan met aandacht voor de uitwisseling van grondwaterflux en –concentratie naar het oppervlaktewater.
De beschrijving van het Kwaliteitsmodel Oppervlaktewater komt in Deel IV aan de orde. Het beschrijft de uitbreiding van het bestaande Sobek model en gaat uitgebreid in op de uitkomsten.
Het laatste deel is gereserveerd voor een toelichting op het Geotechnische Model. Het geeft niet alleen een beschrijving van de modelontwikkeling en de resultaten maar gaat ook uitgebreid in op de gevolgen van bodembeweging op panden in het invloedsgebied.
Ten noordwesten van het centrum van Delft ligt het terrein van DSM Gist. In 1916 zijn de voorgangers van DSM Gist begonnen met grondwateronttrekkingen ten behoeve van koeling van hun industriële processen. In de loop van de tijd zijn de activiteiten uitgebreid en daarmee de onttrokken hoeveelheid grondwater. In 1997 heeft DSM Gist een vergunning verkregen voor het onttrekken van 13,5 miljoen m3 grondwater per jaar.
DSM heeft eind 2004 aangekondigd een groot deel van de onttrekking niet meer nodig te hebben voor bedrijfsprocessen, en dat zij op termijn de grondwateronttrekking volledig willen beëindigen. Delft en omgeving zal daarom in de komende jaren moeten anticiperen op de mogelijke veranderingen in het onttrekkingsregime van de winning.
Eerder onderzoek toonde aan dat reductie of sluiting van de winning veranderingen teweeg kan brengen op de thema’s Grondwaterstijging, Geotechniek en Waterkwaliteit.
In het kader van het onderzoeksprogramma Delft Cluster is onderzoek ingezet naar de effecten van de reductie en/of sluiting op het (grond)watersysteem en de ondergrond.
Het onderzoek is uitgevoerd door de TNO (Business unit Bodem en Grondwater), WL Delft Hydraulics en GeoDelft in directe samenwerking met de provincie Zuid Holland, het Hoogheemraadschap van Delfland en de gemeente Delft. Vanaf januari 2008 zijn de drie organisaties achter de uitvoerende partijen door een fusie samengekomen in het nieuwe onderzoeksinstituut Deltares.
|
[PDF]
[Abstract]
|