Risicoanalyse voor het ontgravingsproces van een hydro- en een EPB-schild

More Info
expand_more

Abstract

De fascinatie voor de ondergrondse ruimte heeft reeds menigeen geïnspireerd tot het verrichten van onderzoeken of praktijkproeven en het schrijven van artikelen of boekwerken. Deze scriptie haakt in op een eerder uitgevoerd onderzoek door A.E.A. de Groot, getiteld "Afweging voor het gebruik van het slurry- of EPB-schild". In dat onderzoek heeft hij een model opgesteld op basis waarvan men een afweging kan maken en tot een keuze voor een boormethode kan komen door toetsing aan de aspecten: boorfrontondersteuning, gronddeformaties, afgraafbaarheid, instroming van water, scheiding, hergebruik en energie. Uit dit eerdere onderzoek blijkt dat beide methodes elkaar qua inzetbaarheid voor een groot deel overlappen. In een dergelijke situatie rijst de vraag welk schild het best ingezet kan worden. Het doel van het onderzoek is een bijdrage te leveren aan het antwoord op deze vraag. Om tot een keuze van een boormethode te komen wordt in eerste instantie gewogen op de technische inzetbaarheid. Indien beide methodes inzetbaar zijn zal een tweede afweging worden gedaan, die gebaseerd is op de totale kosten. Hieronder wordt verstaan de directe kosten, als bijvoorbeeld ruwbouw en de indirecte kosten, zoals risico's. Dit laatste aspect is verder uitgediept door het uitvoeren van een risicoanalyse. Voor de risicoanalyse zijn als uitgangspunten genomen: • Er wordt alleen een analyse gemaakt van de bouwfase, • Als topgebeurtenis is gekozen om het aspect zettingen verder uit te werken, • Van de zettingen zal alleen gekeken worden naar incidenteel optredende zettingen t.g.v. het boorfront Van de zettingen zijn foutenbomen opgesteld, waaruit een risico-itemlijst naar voren is gekomen. In deze lijst wordt per aspect aangegeven wat de afwijking is die op kan treden, wat de gevolgen ervan zijn en welke maatregelen men zou kunnen komen om de afwijking te voorkomen of het effect ervan te minimaliseren. Om een analyse te maken en een waardering te geven aan risico's is gekozen voor het betrekken van een case bij het onderzoek: de Noordzuidlijn. Er is gekozen voor deze case, omdat dit een traject is waarop beide methodes inzetbaar zijn en erg actueel is. Daarnaast is het tracé risicotechnisch gezien interessant om verder uit te werken. Om een afweging te maken kan men gebruik maken van een combinatie van meningen van experts, raadplegen van literatuur en het uitvoeren van computersimulaties. De risico-itemlijst is verwerkt tot een enquête. Deze enquête is voorgelegd aan experts. Aan hun is gevraagd kansen in te schatten dat een bepaalde gebeurtenis optreedt en daarbij schade aan het maaiveld tot gevolg heeft. Deze gegevens zijn vervolgens verwerkt met het programma @RISK. Als resultaat is naar voren gekomen, dat het hydroschild de grootste kans heeft, namelijk 30% tegenover 10% voor het EPB-schild, op geheel geen schade aan het maaiveld en dat indien men uitgaat van kans op enkele schadegevallen ook dit het gunstigste is bij het hydroschild. Het blijkt echter wel dat de resultaten sterk afhankelijk zijn van de toegepaste rekenmethode.

Files