Hv

H.D. van Bergeijk

info

Please Note

45 records found

Journal article (2025) - H.D. van Bergeijk
Wie door Rotterdam rijdt, maakt een grote kans om een bouwwerk te zien dat door Willem van Tijen (1894-1974) is ontworpen. De negen verdiepingen tellende Bergpolderflat (1934) was als eerste galerijflat een markant gebouw in Nederland met een grote invloed op andere architecten, vooral na de Tweede Wereldoorlog. De 44 meter hoge Zuidpleinflat was in 1949 het hoogste woongebouw van Europa, bedoeld voor alleenstaanden en kinderloze stellen. De hoogbouw aan de Kralingse Plas (1938) werd door de locatie een geliefd woonoord voor wie het zich kon veroorloven, net als de Parklaanflat (1933), met een zeer zorgvuldige detaillering. Van Tijen zocht vooral naar nieuwe woonmogelijkheden, en daarin verschilde hij van zijn compagnon Huig Maaskant, die met het Groothandelsgebouw (1953) internationaal bekend werd. Van Tijen experimenteerde ook met nieuwe materialen en bouwsystemen: een veranderde maatschappij bracht andere uitdagingen met zich mee en vroeg om andere oplossingen. [...] ...

Berlage en de feestelijke intocht van Koning Willem III in Amsterdam in 1887

Journal article (2024) - H.D. van Bergeijk
Bekendheid en roem liggen niet voor het oprapen. Er moet hard voor worden gewerkt. Tegen 1890 had H.P. Berlage (1856-1934) al enige faam verworven, maar echt beroemd zou hij pas worden rond de eeuwwisseling met zijn Amsterdamse Beurs en gebouw van de Algemeene Nederlandsche Diamant-bewerkersbond. Hoewel zijn positie vandaag de dag af en toe nog in twijfel wordt getrokken, werd hij rond 1900 gezien als degene die de basis had gelegd voor de intrede van een moderne architectuur in Nederland. Dat was geleidelijk gegaan. In 1887 deed hij een ogenschijnlijke kleine maar toch belangrijke stap. [...] ...
Journal article (2024) - Herman van Bergeijk
In recent years various scientific studies have been published focusing on church building in the Netherlands in the post-war period. From an international perspective, however, the certain developments remain if not unknown at least underexposed. One of them is a competition for a Reformed Church in 1963 between architects that would set their mark on architecture in the Sixties and Seventies. Although the location was not within a major city, but on the outskirts of a smaller one, it highlights a crucial moment, or as Belgian architectural historian Marc Dubois, echoing Geert Bekaert, called it, ‘a pivotal moment’ in the history of the Netherlands heralding the end of the ecclesiastical pillarization. This article offers an accurate reconstruction of the competition, that was held between different architects who would later be considered as the main exponents of the Structuralist movement. ...
Journal article (2024) - H.D. van Bergeijk
Veel Groningers zullen niet bekend zijn met het Huis Heymans en toch zullen talrijke passanten het donkerrode bakstenen gebouw met zijn grillige contouren hebben opgemerkt als zij van het hoofdstation in de richting van het stadscentrum liepen. [..] ...

Voor een protestantse kerk in Driebergen

Journal article (2024) - H.D. van Bergeijk
Hoewel er de afgelopen jaren verschillende wetenschappelijke studies zijn gepubliceerd over de naoorlogse kerkbouw in Nederland, bleef een prijsvraag in 1963 voor een gereformeerde kerk in Driebergen onderbelicht. De deelnemende architecten drukten echter hun stempel op de architectuur in de jaren zestig en zeventig. Hoewel de locatie van de te bouwen kerk niet in een grote stad lag, kwam de prijsvraag op een scharniermoment in de geschiedenis van Nederland. Ze markeerde het begin van het einde van de kerkelijke verzuiling. Dit artikel biedt een nauwkeurige reconstructie van de prijsvraag. [...] ...
Journal article (2024) - Herman van Bergeijk, Sjoerd van Faassen
En 1923, une galerie parisienne crée l’événement en présentant le travail du groupe De Stijl avec dessins, maquettes et mobilier. Organisée par Theo van Doesburg, cofondateur du groupe en 1917, avec Piet Mondrian et J. J. P. Oud notamment, l’exposition met en lumière les principes de l’architecture néoplastique. Une certaine rivalité avec Le Corbusier se fait jour à cette occasion. ...

The Core of Herman Hertzberger's Thinking

Book chapter (2023) - H.D. van Bergeijk, M.E. Ciucci, A.Z. Leutgeb
Journal article (2023) - H.D. van Bergeijk, P. Zhu, Yin Zhu, Y. Li
本文介绍了荷兰建筑史学家赫尔曼·凡·贝赫艾克和其博士生团队对荷兰著名建筑师赫尔曼·赫茨伯格的专访。此次采访是为了准备 2022 年赫茨伯格 90 岁生日的庆祝活动。讨论的重点包括时间和手绘、结构主义、设计的延续性、建筑教育以及赫茨伯格目前关注的领域。在采访中,凡·贝赫艾克和他的团队成员就手绘在设计过程中的重要性、赫茨伯格对结构主义建筑运动的看法以及设计中延续性与时间概念的关系提出了引人思考的问题。此外,讨论还涉及赫茨伯格在建筑教育方面的经验和想法,以及他对该领域目前的兴趣。这次专访提供了对赫茨伯格在建筑基本方面看法宝贵见解,并深入了解了他对于设计标志性建筑的理念。 This article presents an interview with renowned Dutch architect Herman Hertzberger conducted by Dutch architectural historian Herman van Bergeijk and his Ph.D. students. The interview was done in preparation for Hertzberger’s 90th birthday celebration in 2022. The discussion centered on five key topics:time and hand-drawing,structuralism,continuity in design,architectural education,and Hertzberger’s present interests. During the interview,Van Bergeijk and his Ph.D. students posed thought-provoking questions related to the importance of hand-drawing in the design process,Hertzberger’s perspectives on the architectural movement known as structuralism,and the relationship between continuity in design and the concept of time. Additionally, the discussion touched on Hertzberger’s experiences and thoughts on architectural education,as well as his current interests within the field. This interview provides valuable insights into Hertzberger’s views on fundamental aspects of architecture and offers a deeper understanding of his approach to designing iconic buildings. ...
Review (2023) - H.D. van Bergeijk
Boekbespreking van: Frits Peutz 1896-1974: Beeldbepalend architect / Emile Hollman, nai010, Rotterdam, ISBN 978-94-6208-797-2 ...

Roaming the World as a Tool

Book chapter (2023) - H.D. van Bergeijk, M.E. Ciucci, A.Z. Leutgeb

Form Becoming the Dominance

Journal article (2023) - H.D. van Bergeijk, L. Lu
This article examines the development of Dutch modern architecture from the perspective of the changing role of form in architectural creation. The fields of ‘building’ and ‘design’ were not inherently connected. The relationship between the two was installed and intensified in the first decennia of the 20th century. But at a certain moment specialization took place even if architects often still occupied themselves with daily objects. This laid the seeds for the transformation of the role of form in architectural creation. After the second world war the emphasis was placed on the reconstruction of the cities that were damaged by the war and on the housing for the masses. Formal issues were hardly of any great importance. Only in the nineties the attitude changed and form as a result of design (rather than building) became again a major issue for architects who relied on the capabilities of the engineer in order to realize their projects. The general question is: to which degree design has taken over architectural creation and architecture has become the result of design? One things is clear: lines of continuity and discontinuity colour the course of Dutch architecture. ...
Journal article (2022) - H.D. van Bergeijk
Eén van de meest bijzondere boeken van kort na de Tweede Wereldoorlog is het door binnenhuisarchitect Paul Bromberg (1893-1949) geschreven boekje Alarm. Bromberg had al eerder twee jeugboeken geschreven, die goed waren ontvangen, maar Alarm verschilde niet zozeer in thematiek als dan wel in vormgeving van zijn eerder werk. het door De Bezige Bij in 1949 uitgegeven boekje was door Eva Besnyö van foto's voorzien en door Wim Brusse vormgegeven. Het is, zoals de ondertitel aangeeft, 'een verhaal vor de jeugd'. Wie was Paul Bromberg, die was gevraagd om, uitgaande van de vijftien foto's van Besnyö, een boek te schrijven dat een grote opvoedkundige waarde moest hebben? Er zijn maar weinig kunstenaars die geneigd zijn buiten de grenzen van hun eigen vak te treden. Paul Bromberg deed dat wel. ...

De briefwisseling tussen Theo van Doesbrug en Cornelis van Eesteren, 1922-1931

Book (2022) - Sjoerd van Faassen, H.D. van Bergeijk
In 1922 ontmoette kunstenaar Theo van Doesbrug (1883-1931) de bijna veertien jaar jongere architect Cornelis van Eesteren (1897-1988). Dat de samenwerking die vervolgens ontstond niet altijd even soepel verliep, is terug te lezen in hun briefwisseling. Ze werkten in 1923 voor het eerst samen aan ontwerpen voor een tentoonstelling in Parijs. Van Eesteren deed achteraf in enkele Franse bladen voorkomen alsof Van Doesburg bij dit project niet meer den een ‘collaborateur’ was geweest. ‘Ik zag toen dat van geen pénétrante samenwerking nog sprake was’, schreef Van Doesburg verontwaardigd. In de brieven erna is te lezen hoe het conflict werd gesust.

Wrijvingen over het auteurschap van hun ontwerpen en theoretische artikelen die Van Doesburg publiceerde, bleven de kop op steken en vergiftigden de relatie blijvend. Door wat Van Doesburg zag als tegenwerking, niet alleen Van Eesteren, maar ook van zijn voormalige Stijl-collega’s, bewoog zijn gemoedstoestand zich van grote woede, via telkens herhaalde verzoenpogingen, naar berusting.

De correspondentie tussen Van Doesburg en Van Eesteren documenteert een cruciale periode in Van Doesburgs leven, waarin hij steeds meer alleen kwam te staan. De bijna honderd brieven zijn geannoteerd gepubliceerd in deel 8 in de RKD-Bronnenreeks, bezorgd en ingeleid door Sjoerd van Faassen, geassocieerd onderzoeker bij het RKD, en architectuurhistoricus Herman van Bergeijk. ...

Theo van Doesburg als veldprediker

Book chapter (2022) - H.D. van Bergeijk, Sjoerd van Faassen

De stadsopbouw en stedenbouw van W.M. Dudok

Book (2021) - H.D. van Bergeijk
Parijs heeft zijn Eiffeltoren, Londen zijn Big Ben, New York zijn Empire State Building, en Hilversum heeft het raadhuis van Dudok. Dit gebouw heeft een internationale uitstraling en is bij kenners en niet-kenners een geliefd monument. Maar wat weten we nog meer van de architect? Kunnen we een ander gebouw van hem noemen? Misschien wel, want hij heeft per slot van rekening veel gebouwd. Toen Dudoks opdrachtenportefeuille aan het eind van de jaren twintig begon te slinken moest hij zich anders gaan orienteren om zijn ambities waar te maken. Hij deed mee aan vele prijsvragen maar won er maar één en dat gebouw - De Bijenkorf in Rotterdam - is reeds geheel verdwenen. Lange tijd werkte hij aan het uitbreidingsplan van Hilversum dat hij als een beëindigingsplan zag opdat de omringende natuur niet bebouwd zou worden. Het uitbreidingsplan kreeg veel aandacht en Dudok werd gevraagd om ook stedenbouwkundige plannen voor andere steden te maken, zoals voor Den Haag, Zwolle en Velsen. Dit werkgebied, dat nog te weinig aandacht heeft gekregen, was steeds het uitgangspunt in het denken van de architect. Van vroegst af aan was het werken van de grote schaal naar kleine schaal zijn credo en nergens kwam dat duidelijker tot uitdrukking dan in zijn stedenbouwkundig werk. Hij hechtte veel waarde aan de context. In tijden waar architectuur en stedenbouw om functionaliteit draaide, leidde zijn aanpak tot veel kritiek en tegenslag. Desondanks beschouwde Dudok zichzelf toch in de eerste plaats een architect-stedenbouwer, een dienaar van de stad. De stad was voor hem de plek waar we met elkaar wonen en een gemeenschap moeten zien te vormen, de plaats waar we gelukkig kunnen wonen. ...

F.R. Yerbury, H. Robertson en de Nederlandse architectuur

Journal article (2020) - H.D. van Bergeijk
Web publication (2019) - H.D. van Bergeijk
Iconische gebouwen staan in het middelpunt van de belangstelling; er zijn websites aan gewijd, er worden congressen georganiseerd en er heerst een ware zucht naar dergelijke bouwwerken die bepaalde plaatsen op de wereldkaart kunnen zetten. Het zijn de uithangborden voor de moderne samenleving die naar snelle effecten zoekt. ...

De toneelstukken van de Nederlandse architect H.P. Berlage

Journal article (2019) - H.D. van Bergeijk
Literatuur en architectuur hebben gemeen dat ze ieder op hun eigen manier constructies zijn met een narratieve component. Er hoeft geen verhaal of plot te zijn, maar er is altijd een zeker doel of programmatische noodzaak en beide kunstvormen bieden op hun eigen manier een bepaald beeld van de samenleving. Dit wordt misschien nog wel het duidelijkst uit het werk van de Nederlandse architect H.P. Berlage (1865—1934), die lange tijd gold als de belangrijkste vertegenwoordiger van zijn vak. Berlage heeft enkele literaire teksten geschreven die in verband gebracht kunnen worden met zijn ander werk en met zijn opvattingen over de ontwikkeling van zowel de bouwkunst als de samenleving. ...